Gratis verzending vanaf € 49
Levering binnen 5 werkdagen
Handgemaakt in Brabant sinds 2014
10 jaar garantie · 30 dagen retour
← Terug naar de kennisbank

Hondenhok winterklaar maken en isoleren

Een hond die buiten leeft of veel buiten is, heeft in de winter een hok nodig dat meer doet dan de regen tegenhouden. De meeste vragen over een hondenhok buiten in de winter gaan over isolatie, maar de winst zit net zo vaak in de hoogte van de vloer, de plek van de opening en de maat van het hok. Een te groot hok blijft koud, hoe goed je het ook isoleert. In dit artikel lees je waar de warmte weglekt en wat je daaraan doet.

Waar de warmte weggaat

Een hond warmt zijn hok zelf op. Dat is het hele principe: je hoeft niets te stoken, je hoeft de lichaamswarmte alleen binnen te houden. Die warmte verdwijnt langs vier routes:

Route Aandeel Wat je eraan doet
De vloer Groot, want contact met koude grond Vloer vrij van de grond, isolatie in de vloer
De wanden Middelgroot Dubbele wand met isolatie ertussen
Het dak Middelgroot Isolatie onder het dakbeschot, overstek tegen inregenen
De opening Onderschat Windvang, flap, opening op de windstille zijde

De vloer en de opening zijn de twee die het vaakst worden overgeslagen. Begin daar.

De vloer: eerst omhoog, dan isoleren

Zet een hondenhok nooit direct op zand, gras of aarde. Hout dat contact houdt met de bodem trekt vocht op en rot van onderaf weg, en een vochtige vloer koelt de hond ook nog eens continu af. Zet het hok op tegels, op stelpoten of op een frame van balkjes, zodat er een luchtlaag van een paar centimeter onder de vloer zit. Die luchtlaag doet isolerend meer dan een extra plaat hout.

Daarboven isoleer je de vloer zelf. In een hok met een enkele vloerplank leg je een tweede vloer met isolatie tussen de twee lagen. Sluit die opbouw dicht af, zodat er geen vocht en geen ongedierte in de isolatielaag komt. Leg er tot slot iets op dat de hond niet kan opeten of wegtrekken. Losse dekens zijn in de winter een aandachtspunt: nat geworden en niet gewisseld werken ze tegen je.

Wanden en dak

Voor de wanden werkt het principe van een dubbele wand: buitenbeschot, isolatie, binnenbeschot. Het binnenbeschot heeft twee functies. Het houdt de isolatie op zijn plek en het houdt de hond ervan af, want isolatiemateriaal dat bereikbaar is, wordt vroeg of laat aangevreten.

Let bij het dak op de dampzijde. Isolatie die aan de bovenkant niet luchtdicht en waterdicht afgewerkt is, wordt vochtig en verliest zijn werking. Zorg daarnaast voor genoeg overstek aan alle zijden, zeker boven de opening, zodat regen niet langs de wand naar binnen loopt.

Ga niet verder isoleren dan nodig. Wat de hond wint, verlies je als de constructie zo dicht wordt dat het vocht dat de hond zelf uitademt nergens heen kan. Een klein ventilatierooster hoog in de achterwand of in het nachtdeel houdt het hok droog zonder dat het gaat doorwaaien.

Windvang bij de opening

Een rechte opening in de voorwand kijkt zo het hok in. Wind waait dwars door, en de hond ligt in de trek. Drie oplossingen die werken:

  • Een tussenwand. Je maakt een kleine hal: de opening zit links, de hond ligt rechts achter een schot. Simpel en effectief, en het kost je een paar centimeter binnenmaat.
  • Een flap. Een zware kunststof of rubber flap over de opening. Sommige honden accepteren dat meteen, andere niet, dus geef het tijd en wen de hond eraan als het nog niet vriest.
  • Het hok verdraaien. Zet de opening af van het zuidwesten, de richting waar de wind in Nederland meestal uit komt, en zet het hok met de rug tegen een schutting of muur.

Een hondenhok dat in een kennel of ren staat, heeft het voordeel dat je de windvang op het niveau van de ren kunt oplossen met dichte panelen aan de windzijde. Onze hondenkennels zijn uitgevoerd in douglas potdekselwerk in combinatie met gegalvaniseerd staal, waarbij je de dichte en open zijden kunt kiezen.

De maat: kleiner is warmer

Dit is het punt waarop het bij zelfbouw het vaakst misgaat. Een hok dat royaal is bemeten, warmt nooit op. De hond moet er comfortabel in kunnen liggen, kunnen staan en zich kunnen omdraaien, en daarmee is het klaar. Alles daarboven is ruimte die je aan het verwarmen bent.

Als vuistregel wordt vaak gerekend met de lengte van de hond van neus tot staartaanzet plus een kleine marge voor de binnenlengte, de schofthoogte plus een marge voor de binnenhoogte, en een opening die iets lager is dan de schofthoogte zodat er minder wind naar binnen kan.

Onze hondenhokken zijn er in 113x113x110 cm en 201x107x110 cm en kosten tussen 759 en 2.299 euro. Het kleinere model past bij een middelgrote hond, het langere model biedt ruimte om een deel als overdekt voorportaal te gebruiken. Een hondenhok bouwtekening geeft je meer vrijheid in de maat, maar de hoekverbindingen, de dubbele wanden en het waterdicht aansluiten van het dak zijn wel het lastigste deel van het werk.

Kort samengevat

Zet het hok op poten of tegels met een luchtlaag eronder, isoleer eerst de vloer en dan de wanden en het dak, en werk de isolatie aan beide zijden dicht af. Los de opening op met een tussenwand of een flap en draai het hok weg van de zuidwestenwind. Houd de binnenmaat krap: de hond is de warmtebron, en een te groot hok wordt nooit warm. Bouw je zelf, reken dan de dubbele wanden en het dak als het echte werk. Koop je een hok of kennel, kies dan het model op maat en niet op ruimte.